Anoniem ingezonden verhaal 2

Vanaf maart 2020 mocht ik vanuit huis werken. Ik had een vast contract, een fijne werksfeer en leuk en uitdagend werk. Doordat ik tot een risicogroep behoor en mijn werk – maar niet mijn woonplaats – zich in een toen als risicogebied v.w.b. Covid-besmettingen werd aangemerkt, ben ik, in overleg met mijn bazin, thuis blijven werken. Tot het moment dat mijn bazin mij verplichtte (“Ik kan het je niet verplichten, MAAR…”) toch weer op kantoor te gaan werken. De “maar” was zodanig hoorbaar en voelbaar en de argumenten die ik aandroeg werden dusdanig terzijde geschoven dat ik het gevoel had geen keuze te hebben. Ik ben dus naar kantoor gegaan, maar heb daar een eigen werkruimte opgezocht waarbij ik de nooddeur naar buiten open heb gezet voor ventilatie. Na anderhalve dag zo gewerkt te hebben, werd ik na een stevig gesprek door mijn bazin naar huis gestuurd. En niet in de zin van: ga maar weer vanuit huis werken als dat je veiliger laat voelen.

Vervolgens heb ik in een opwelling een nieuwe baan gezocht. Ook gekregen. Ik ben dus van de situatie verlost. Maar ik voelde me zo thuis bij mijn werk en ik voelde – en voel me eigenlijk nog steeds – zo onderdrukt, opzij geschoven, verdrietig. Op mijn functioneren is nooit iets aangemerkt. Maar het besef van “gezonde” mensen en werkgevers dat mensen met een chronische ziekte (waarmee ik overigens zonder enige problemen altijd mijn werk keurig heb kunnen doen) een groter risico lopen, zeker gezien het zeer traag uitrollen van het vaccinatie proces, dat laat zeker te wensen over. Ik hoef geen speciale behandeling. Ik werk keihard en soms wellicht nog wel wat meer doordat ik naast mijn werk ook mijn chronische ziekte te behandelen heb. Dat je dan het deksel op je neus krijgt na voor je gevoel alles wat je in je hebt gegeven te hebben, dat heeft iets in mij flink kapot gemaakt.

Anoniem